Bidden om regen?


Van oudsher is er in de Protestantse Kerken een jaarlijkse biddag voor gewas en arbeid in het voorjaar, en een jaarlijkse dankdag voor hetzelfde in de herfst. Bij extreme omstandigheden (veel te veel regen of juist veel te weinig) werd er wel eens een extra bidstond ingelast. De gelovigen wisten dat God over alle dingen, inclusief het weer regeert. Zo was hun dat geleerd in zondag 10 van de catechismus1, het lesboek van de kerk.

Tegenwoordig bidden we veel minder en met toenemende verlegenheid om regen of droogte, welvaart, gezondheid, een veilige reis of andere concrete dingen. We beseffen meer dan vroeger onze eigen verantwoordelijkheid voor het klimaat evenals voor honger en armoede onder mensen. Zoals we ook weten van het verband tussen leefstijl en gezondheid, tussen te hard rijden en ongelukken2. Een gebed kan volgens universitair hoofddocent Ciska Stark3 nog wel een litanie zijn waarin we het lijden van de natuur, van mensen en volken voor God uitspreken. Zo draagt dit klaaggebed bij aan het besef van eigen verantwoordelijkheid, het heeft iets van schuld en boete.  Zo doet dit gebed iets met degene die oprecht bidt. Of het ook iets teweeg brengt bij God?

Smeekgebeden om concrete dingen, om eindelijk regen bij langdurige droogte, is volgens sommigen zelfs blasfemisch. De problemen met het klimaat zijn de schuld van mensen. Die moeten we zelf oplossen menen vd Spek en Huijgen,4 door ons gedrag aan te passen vult van der Wurff een paar dagen later aan5. Dat geldt van vrijwel alle problemen.

Anderen hebben het bidden om materiële dingen opgegeven omdat zij menen dat God geen invloed uitoefent op concrete dingen. Zij bidden alleen nog voor immateriële, geestelijke dingen: om inzicht, wijsheid, inspiratie, hoop en liefde.

Een paar invallen bij deze interessante discussie:

1) Er is de werkelijkheid waar wij zelf ook deel van uitmaken. Die kennen we tot op zekere hoogte, maar voor een groot deel niet. Daarom gaat het wetenschappelijk onderzoek door. Over honderd jaar weten we meer van de werkelijkheid dan nu. Maar we zullen die nooit volledig doorzien. Onze kennis is slechts een beperkt beeld van de werkelijkheid, een voorstelling of model, passend gemaakt bij onze verstandelijke vermogens. De werkelijkheid op zichzelf is anders, groter, ruimer. Die bevat zelfs aspecten waar we geen oog voor hebben. Hoeveel of weinig dat er zijn zullen we nooit weten. Daarom blijft de werkelijkheid ons altijd weer verrassen of verbijsteren. Daarom zeggen zoveel mensen: ik geloof wel dat er meer is. Of dat er Iets is. Religieuze mensen nemen dan het woordje God in de mond. Christenen denken aan de God van Jezus.

  • Sommigen stellen zich die voor als een Almachtig Opperwezen die alle dingen (regen en droogte) stuurt en leidt.
  • Anderen denken aan een Scheppende kracht die al wat is laat bestaan (het lam en de tijger ook).
  • Weer anderen - onder wie ik zelf - houden het op een Geest die liefde is. Hij is vast nog veel meer en anders, maar het ontbreekt me aan voldoende inzicht om dat te kunnen geloven.

2)  Waarom zou er geen interactie zijn tussen God (Of je hem nu als Opperwezen, Scheppende kracht of Geest voorstelt) en dat wat niet-God is (de werkelijkheid of schepping)? Natuurlijk: je kunt het niet weten zoals je weet dat het half acht is als je op je horloge kijkt. God is een Verborgen God, dwz niet te zien voor nieuwsgierige ogen, de objectiverende blik, het onderzoekende, analyserende verstand. Bijbels gesproken: Hij woont in een ontoegankelijk licht (1 Tim 6: 16), Hij is de Onzienlijke (Hebr 11: 27). Zo is ook zijn werk. Dat is op geen enkele manier vast te stellen. We kunnen God niet op formule6 brengen als wij Hij een natuurwet. Het is een zaak van geloof.
Alleen in het geloof zie je soms even 'iets van God' in je leven, in de natuur, in de geschiedenis. Bv het einde van de oorlog. Dat beleefden vele christenen als iets waar ze alleen maar dankbaar voor konden zijn. Was de bevrijding dan Gods werk en niet van de geallieerde troepen? Het een komt niet in mindering op het andere. Het onzichtbare (Gods werk) is geloofstaal. Het andere (de soldaten) is beschrijvende taal. De geloofstaal is alleen geldig voor wie geloven en voor zolang ze de bevrijding zo beleven. Daarbuiten slaat het nergens op. Het is een eigen taalspel (Wittgenstein). Geloofsuitspraken zijn er al helemaal niet om over te discussiëren met niet-gelovigen.

3) Er bestaat geen tegenstelling tussen het materiële-stoffelijke en het geestelijke-mentale. Ook het geestelijke (invallen, gevoelens, kennis, intuïtie, dromen) bestaat en functioneert niet zonder de fysieke basis van hersenen, zenuwen, neurotransmitters en elektrische stroompjes. Wie meent dat God geen invloed op het materiële uitoefent, is inconsequent als hij Hem wel aanroept voor wijsheid, moed, hoop, kracht en andere geestelijke dingen. Zelf kun je met je ziel of geest toch ook invloed uitoefenen op materie? Je kunt immers bedenken wat je maar wilt. (wil ik m'n verjaardag wel of niet vieren, thuis, in een zaaltje of op Mars?) Wat je bedenkt wordt niet dwingend voorgeschreven door je hersenen, maar speelt zich wel meetbaar (EEG) in je hoofd af.
En ook op het geestelijke terrein geldt: God is een Verborgen God. Zijn invloed op bv je stemming (geestelijk) is niet vast te stellen. Wie het gaat onderzoeken, ziet alleen materiële processen, maar nooit God aan het werk. Behalve met de ogen van je geloof7. Dan kun je het materiële, bv de regen van de afgelopen dagen - beleven als een zegen. Net zo als je het geestelijke bv bemoediging, inzicht, hoop, blijdschap - als een geschenk van de Onzienlijke kunt ervaren.
Wie gelooft in een God die zich actief verhoudt tot de werkelijkheid, kan dus voor alles bidden: om het materiële evengoed als het geestelijke.

4a) God is en werkt in het Verborgene. Dat is een zaak van geloof, van een geloofsrelatie, dus een subjectieve beleving; niet de uitkomst van een gedistantiëerd, wetenschappelijk onderzoek8. We kunnen in objectieve, beschrijvende, precieze taal in het geheel niets zinnigs beweren over God. We kunnen nu eenmaal niet vaststellen

  • dat Hij nooit iets doet, of af en toe, of voortdurend zich met onze werkelijkheid bezig houdt, en/of
  • dat Hij op niets, of op alles of op een bepaald deel van de werkelijkheid zijn invloed uitoefent, en/of
  • dat Hij het toeval regelt of zich alleen met de grote lijn van de gebeurtenissen bezig houdt of met allebei of met  allebei niet, en/of
  • dat Hij werkt met het uitzonderlijk wonderlijke of met de wetmatigheden van de natuur of met allebei of met allebei niet.9

4b) Een variant zou kunnen zijn, dat Hij niet zozeer de oorzaak is van regen, bevrijding, genezing enz, maar dat zijn Geest aan een mens bij die regen, vrijheid, gezondheid enz de ervaring van zin en betekenis geeft. Bemoediging om voor het goede te blijven gaan. Correctie om zich daartoe te bekeren. Dan communiceert God niet met de logische analytische constaterende linkerhelft van ons brein, maar doet zijn Geest een beroep op de rechterhelft die over emoties, creativiteit, muziek gaat en het vermogen om de dingen anders (verbeelding) en in een ruimer verband te zien (synthetisch ipv analyserend). Het is ook denkbaar dat wij nog andere contactmogelijkheden of antennes voor de Geest in ons hebben, bv het on- of onderbewustzijn, ons diepste zelf enz? Deze deze variant is niet fundamenteel anders dan de opties bij 4a, want invloed op het geestelijke is niet echt anders dan invloed op het materiële (3).

4c) Tot nu toe ging het over 'oorzaak en gevolg'. Maar misschien is er nog meer en moeten we Gods betrokkenheid op de werkelijkheid ook nog op andere manieren voorstellen. Bijv

  • dat Hij erbij is, ervan weet, mee-lijdt: Worden niet twee mussen te koop aangeboden voor een duit? En niet één daarvan zal ter aarde vallen zonder uw Vader. (Mat 10: 29 NBG) of
  • dat Hij met ons kan meevoelen en weet wat het is om de weg van Christus te gaan (Hebr 4: 14 - 16), zijn Geest zucht in ons (Rom 8: 26)

5) Hoe dan ook, we kunnen wel over Gods invloed op de werkelijkheid spreken. Niet in objectieve taal maar dichterlijk, figuurlijk, beeldend: Een gedicht over liefde (Hooglied). Een lied over de sterfelijkheid en Gods trouw (Ps 103) Een gelijkenis over wat het voor God betekent als iemand zich bekeert (Luc 15). Een drama over verzoening (de Passio van Jezus). De wonderen van Jezus zijn ook al meer dan objectieve mirakels, nl een teken van iets anders: ze onthullen het Koninkrijk der hemelen en wijzen Hem aan als de Messias. In de kerk hebben gewone dingen soms een symbolische betekenis (water > reinigen, ondergang, opstaan; brood en wijn > lichaam en bloed van Christus).
Dingen waar we eigenlijk geen woorden voor hebben, zijn zo toch mede-deelbaar. Als de hoorder op de goede golflengte zit en de woorden beeldend opvat, komt de boodschap over.

6) De ogen van het geloof ontwaren zelden, soms of vaker iets van God10. Daarvan spreken is riskant. Iemand zegt blij: God heeft mij beter gemaakt. Maar degene die het hoort, vat het (zeer begrijpelijk) op als beschrijvende, verklarende taal en herinnert zich op hetzelfde moment dat anderen niet herstelden van ziekte of gebrek. En voor ze er erg in hadden kwamen de waarom-vragen en zaten ze in een discussie die weinig van de blijdschap heel liet.
Wat als de genezen patiënt zou stamelen: ik ben weer beter, mag weer leven! Ik ben zo blij, zo bevoorrecht, ik heb er gewoon geen woorden voor, ik ben alleen maar dankbaar. Het moet wel raar lopen, wil het dan nog in een discussie ontaarden.

7) Voor het gebed geldt hetzelfde. Alles komt aan op de taal. Een gebed is niet met de deur in huis vallen en een bestelling bij God in de hemel opgeven. (laat het toch weer regenen). Het is ook niet God vertellen hoe hij het moet doen (laat de examenvragen niet over hoofdstuk 1 maar wel over hoofdstuk 2 gaan). Niet dat zo bidden niet mag. God begrijpt het vast wel, en wie weet wat Hij erop doet. Maar heb jijzelf wel wat aan zo’n gebed? Ben je nu echt niet zenuwachtig meer? Besef je iets van je eigen verantwoordelijkheid in deze dingen? Spreek je misschien je falen en tekort uit? Neem je je voor het goede te doen?
Beter is het om de tijd te nemen en eerst eens stil te staan bij wie God is en wie jij bent. Jij door Jezus ingenomen en gewonnen voor God, zijn kind. Hij je Vader in de hemel. Als je deze dingen goed tot je laat doordringen, weet je het weer:  in het verborgene klopt een hart voor jou. Dan besef je dat je met een liefde verbonden bent, die alles, zelfs graf en dood te boven komt. Misschien is dat al genoeg en hoeft er niets meer gezegd te worden. Als niet, dan komen de woorden vanzelf: om regen, om je examen. Maar meer nog om die dingen die je nodig hebt om Jezus te volgen in zijn trouw aan God en zijn ontferming over mensen.iets van Gods nieuwe wereld. Wie zou daar niet van spreken en zingen?

Deze blog werd te lang. Het gedeelte over de voorzienigheid (Z10 HCat) is verplaatst en vind je hier.
---

Met dank aan https://www.heidelbergse-catechismus.nl/gewone-taal/verlossing/zondag-10
2 Overstromingen, droogte, ziekte, aardbevingen, hongersnoden werden vroeger aan God of de Voorzienigheid (Zondag 10) toegeschreven. Je kon er als mens niets aan doen, was er niet tegen op gewassen. De Engelsen noemen het om die reden ook wel 'Acts of God'
Trouw, 15 aug 2026 p6v
Trouw 15 aug 2026 p6v
5 Trouw 19 aug 2026 p18
6 Ton de Kok vat God op als codewoord voor de eerste oorzaak, de verklaring voor het wonderlijke gegeven dat er iets is en niet niets. Een leuke vondst is dat de Kok het codewoord opvat als afkorting van Geen Object van Definitie. (Wat is God, Bussum 2013 p. 11v)

7 Jezus zei: zalig de reinen van hart, zij zullen God zien. (Mat 5: 8)
Dat spoort prima met het wetenschappelijk bedrijf. Daar geldt de afspraak dat God niet als een factor ter verklaring kan worden aangevoerd. Over zijn bestaan en werkzaamheid doet de wetenschap geen uitspraken, zij is wat dat betreft agnostisch.
Maar dit zijn alleen slechts menselijke categorieën - we hebben nu eenmaal geen andere. In hoeverre de werkelijkheid er in Gods ogen ook zo uitziet, kan niemand weten. 
10 We gaan er nu maar van uit, dat de ziener zich niet vergist of zichzelf maar wat wijsmaakt.

 

 

 

 

terug

Afkortingen


van de Bijbelboeken > Register (kolom 1)

adhv = aan de hand van
Afb = Afbeelding
art - artikel (van de NGB)
aw = aangehaald werk
BGT = Bijbel in Gewone Taal
BHS = Biblia Hebraica Stuttgartensie (Hebr. OT)
bv = bij voorbeeld
CGK = Christelijk Gereformeerde Kerken
cq = casu quo (dan wel / of anders)
DL = Dordtse Leerregels
dwz = dat wil zeggen
eva = en vele anderen
FB = FaceBook
GNB - Groot Nieuws Bijbel
GNT = Griekse Nieuwe Testament (Nestle-Aland)
Gr = Grieks
HCat = Heidelbergse Catechismus
Hebr = Hebreeuws
HKB = Historich Kritische Benadering (of Bijbelonderzoek)
HSV = Herziene  Staten Vertaling
HTB = Het Boek
ID = Intelligent Design
itt = in tegenstelling tot
Lat = Latijn
LuV = Lutherse Vertaling
LV14 = Leidse Vertaling 1914
LXX = Septuaginta (Grieks OT; 250 - 50 vC)
M = Meditatie (bv Mc 1:1M = Meditatie over Mc 1: 1)
McM = The MacMillan Bible Atlas, London 19804
MvG = Meer van Galilea = Meer van Tiberias = Meer van Genesaret
NA = Nestle-Aland, 28-ste druk (Grieks NT)
NB = Naardense Bijbel (P. Oussoren, 2004)
NBG = Nederlands Bijbel Genootschap
NBG51 = Bijbelvertaling van het NBG (1951)
NBV21 = Nieuwe Bijbel Vertaling van het NBG (2021)
nC = na Christus
NGB = Nederlandse GeloofsBelijdenis
NT = Nieuwe of tweede Testament
ntisch = nieuw testamentisch(e)
OT = Oude of eerste Testament
otisch = oud testamentisch(e)

P = Paulus of zijn brieven
P in bv Ps 84P = Preek over Psalm 84
p = pagina of pagina's 

PKN = Protestantse Kerk Nederland
PM = Post Modernisme
Q = Quelle, bron van uitspraken van Jezus
resp = respectievelijk (achtereenvolgens)
RKK = Rooms Katholieke Kerk
SV = Staten Vertaling
SQE = Synopsis Quator Evangeliorum
SVBS = Synopsis  Vlaamse Bijbelstichting 
TeNaCh = Torah+Nebiïm+Chetoebim
v = volgende vers (bv Ps 1: 1v = Ps 1: 1 - 2)
v/a = vraag en antwoord
vC =  voor Christus
vd = van de
vv = volgende verzen (bv Ps 1: 1vv = Ps 1: 1 - 3)

WV12 = Willibrord Vertaling 2012
Z = zondag (vd HCat)
zgn = zogenaamd

tekens:
> = zie (bv > 2 betekent zie bij punt 2)
// = synoniem parallellisme
<> = tegenstelling, ook: antithetisch parallellisme
X = Chiasme (kruisstelling)
(     ) bevatten verduidelijking

{    } bevatten woorden niet in de bijbeltekst te vinden, maar  afgeleid uit wat er wel staat.
 

 

×