Joh 6: 35
Ik ben het brood des levens1
(Zie ook algemene inleiding op de Ik-ben woorden)
1: Lectio - wat staat er wel en niet?
Joh 6: 34v
Het brood van God is het brood dat neerdaalt uit de hemel en dat leven geeft aan de wereld.’ ‘Geef ons altijd dat brood, Heer!’ zeiden ze toen. ‘Ik ben het brood dat leven geeft,’ zei Jezus. ‘Wie bij Mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in Mij gelooft zal nooit meer dorst hebben. (NBV21)
De uitdrukking komt ook in 6: 48 voor. De NBV21 heeft beide keren: ik ben het brood dat leven geeft. Dat is iets vrijer vertaald, en daardoor duidelijker dan ik ben het brood des levens (NBG51).
In 6: 51 zegt Jezus zakelijk hetzelfde maar net iets anders: 'ik ben het levende brood'.
2: Meditatio – overwegingen
De uitdrukking
'Brood des levens' komt buiten deze verzen niet in het OT of NT voor.
Context
Deze woorden staan in een lang hoofdstuk waarin het voortdurend gaat over het brood dat uit de hemel komt. Zonder dit verband is deze ik-ben uitspraak niet goed te begrijpen.
Wonder: mirakel of teken?
In het voorafgaande heeft Jezus een menigte van ongeveer vijfduizend mensen gevoed met vijf broden en twee vissen. Daarna waren er twaalf manden brood over. Een wonder kan opgevat worden als een mirakel of als een teken.
- Een mirakel is iets dat op zichzelf staat, een kunststukje.
- Een teken be-tekent iets, het wijst op iets anders
De wonderbare spijziging is bedoeld als een teken. Het verwijst naar God en het hemelse brood dat Hij geven wil. Maar de mensen zien de verwijzing niet. In hun ogen is het een mirakel en Jezus een profeet, die over magische krachten beschikt. Hij kan de broodvraag oplossen. Daarom willen ze hem koning maken. Om dat te voorkomen, trekt Jezus zich terug.
Ik ben het levende brood (het manna is het niet)
De volgende dag legt Jezus aan de mensen uit dat hij niet als ooit Mozes brood van de hemel laat komen. Trouwens ook dat brood (manna) was niet het geschenk van Mozes, maar van God (Vader). En nu geeft dezelfde God opnieuw brood. Geen gewoon brood, al leek dat wel zo toen de duizenden met vijf broden en twee vissen gevoed werden. Maar dat is schijn, het is een teken. En als de mensen het niet lukt om in de diepte te zien, legt Jezus zelf uit waar het teken naar verwijst: het brood dat God deze keer geeft is geen manna, maar Jezus zelf.
Een mens als brood?
Daarop volgt een discussie. De mensen vinden dat Jezus zich teveel verbeeldt. Uit de hemel? Hij is toch gewoon hun dorpeling, de zoon van Jozef (Joh 6: 42)? Maar Jezus zinspeelt erop, dat in hem God schuil gaat. Ik ben....Egoo eimi, zegt hij, dezelfde woorden als waarmee God zich eens voorstelde aan Mozes (Ex 3: 14).
Joh 6: 48 - 51
Werkelijk, Ik verzeker u, wie gelooft, heeft eeuwig leven. 48 Ik ben het brood dat leven geeft. Uw voorouders hebben in de woestijn manna gegeten en toch zijn zij gestorven. Maar dit is het brood dat uit de hemel is neergedaald; wie dit eet sterft niet. Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald; wanneer iemand dit brood eet zal hij eeuwig leven. En het brood dat Ik zal geven voor het leven van de wereld, is mijn lichaam.’ NBV21)
Gaat Jezus zichzelf als voedsel voor de wereld geven? Is hij daartoe in de wereld gezonden door God? En moeten mensen hem eten? Inderdaad dat is wat Jezus bedoelt en daar zal het straks op uitlopen: zijn dood aan het kruis. Maar niets is wat het lijkt, alles heeft een geestelijke-figuurlijke betekenis:
- Zijn liefde volgehouden ondanks alle verzet en afwijzing van mensen is geen smadelijke afgang, maar - onder de schijn van het tegendeel - een hoogtepunt: de ultieme daad waarmee Jezus God verheerlijkt4.
- Zijn zelfopoffering betekent Gods liefde de dood in dragen.
- Zijn opstanding betekent Gods liefde overwint de dood.
- Deze dingen zijn wat een mens nodig heeft. Broodnodig, dwz de eerste levensbehoefte: je niet meer laten bepalen door angst voor de dood, maar door het vertrouwen dat leven in de geest van Jezus eeuwig leven is. De overgang van angst naar vertrouwen is een 'wederom geboren worden' (Joh 3).
- Dit brood eten doe je door Jezus te geloven.
Wanneer de aanwezigen Jezus beginnen te begrijpen, haken de meesten af, slechts de twaalf discipelen blijven.
3: Oratio – een gebed
Here Jezus,
Eens hoorde Mozes een onzichtbare stem: Ik ben.
Nu zíen mensen iemand als U zegt: Ik ben.
Een mens in wie God is, de Zoon.
U gaat ver boven Mozes uit.
Ooit was er brood uit de hemel: manna.
Nu geeft God zichzélf te eten:
U, Jezus het brood des levens,
U gaat ver boven het manna uit.
Brood is er elke dag - een gave van God.
Toch kan het van de dood niet redden.
Eens werd U mens met ons,
brood dat eeuwig leven geeft.
U bent het voedsel voor mijn ziel.
U doet mij leven in geloof, hoop en liefde
Vandaag en morgen en alle dagen
tot in eeuwigheid.
4: Contemplatio – verstillen
Het eeuwige leven vatte ik op als leven niet langer in de greep van angst voor de dood. Als leven dat echt de moeite waard is, waarbij je soms alle besef van tijd vergeet.
Dat is wel goed, maar niet het hele verhaal. De uitdrukking eeuwig leven geeft niet alleen een kwaliteit aan; het heeft ook het aspect van tijd: tijd zonder einde.
Ik weet wel dat de dood het einde inhoudt van mijn oude leven naar lichaam en ziel. Nu besef ik dat - hoe erg sterven ook is - dat niet het einde is. Wie het brood des levens eet = wie Christus tot zich neemt = wie gelooft = wie wederomgeboren werd, die is een nieuwe mens: iemand met een toekomst2. Een prachtige belofte, waar ik me nog maar weinig bij kan voorstellen, maar die me wel blij maakt.
-----
1 ἐγώ εἰμι ὁ ἄρτος τῆς ζωῆς· (NA 28)
2 De tekst is niet bedoeld om te speculeren over het eeuwig wel en wee van anders en niet-gelovigen.
3 Zie ook preek over brood des levens.
4 Zie vooral Joh 17: 1 - 5
Afkortingen
van de Bijbelboeken > Register (kolom 1) adhv = aan de hand van Afb = Afbeelding art - artikel (van de NGB) aw = aangehaald werk BGT = Bijbel in Gewone Taal BHS = Biblia Hebraica Stuttgartensie (Hebr. OT) bv = bij voorbeeld CGK = Christelijk Gereformeerde Kerken cq = casu quo (dan wel / of anders) DL = Dordtse Leerregels dwz = dat wil zeggen eva = en vele anderen FB = FaceBook GNB - Groot Nieuws Bijbel GNT = Griekse Nieuwe Testament (Nestle-Aland) Gr = Grieks HCat = Heidelbergse Catechismus Hebr = Hebreeuws HKB = Historich Kritische Benadering (of Bijbelonderzoek) HSV = Herziene Staten Vertaling HTB = Het Boek ID = Intelligent Design itt = in tegenstelling tot Lat = Latijn LuV = Lutherse Vertaling LV14 = Leidse Vertaling 1914 LXX = Septuaginta (Grieks OT; 250 - 50 vC) M = Meditatie (bv Mc 1:1M = Meditatie over Mc 1: 1) McM = The MacMillan Bible Atlas, London 19804 MvG = Meer van Galilea = Meer van Tiberias = Meer van Genesaret NA = Nestle-Aland, 28-ste druk (Grieks NT) NB = Naardense Bijbel (P. Oussoren, 2004) NBG = Nederlands Bijbel Genootschap NBG51 = Bijbelvertaling van het NBG (1951) NBV21 = Nieuwe Bijbel Vertaling van het NBG (2021) nC = na Christus NGB = Nederlandse GeloofsBelijdenis nl = namelijk NT = Nieuwe of tweede Testament ntisch = nieuw testamentisch(e) OT = Oude of eerste Testament otisch = oud testamentisch(e) P = Paulus of zijn brieven P in bv Ps 84P = Preek over Psalm 84 p = pagina of pagina's PKN = Protestantse Kerk Nederland PM = Post Modernisme Q = Quelle, bron van uitspraken van Jezus resp = respectievelijk (achtereenvolgens) RKK = Rooms Katholieke Kerk SV = Staten Vertaling SQE = Synopsis Quator Evangeliorum SVBS = Synopsis Vlaamse Bijbelstichting TeNaCh = Torah+Nebiïm+Chetoebim v = volgende vers (bv Ps 1: 1v = Ps 1: 1 - 2) v/a = vraag en antwoord vC = voor Christus vd = van de vv = volgende verzen (bv Ps 1: 1vv = Ps 1: 1 - 3) WV12 = Willibrord Vertaling 2012 Z = zondag (vd HCat) zgn = zogenaamd tekens: > = zie (bv > 2 betekent zie bij punt 2) // = synoniem parallellisme <> = tegenstelling, ook: antithetisch parallellisme X = Chiasme (kruisstelling) ( ) bevatten verduidelijking { } bevatten woorden niet in de bijbeltekst te vinden, maar afgeleid uit wat er wel staat. |