Ik ben woorden (Joh)
Ik ben...
In het Johannes evangelie treffen we zeven zgn 'ik ben woorden' aan. Uitspraken van Jezus over zichzelf, waarin hij aangeeft wie hij is. Met man uit Nazaret, zoon van Maria en timmerman Jozef en broer van oa Jakobus (Mc 3: 21, Joh 7: 5) is niet alles gezegd. Wie hij is, hoe hij zichzelf verstaat en wat hij als zijn roeping ziet, dat moet onthuld, geopenbaard worden. De twaalf leerlingen krijgen dat geleidelijk aan door omdat ze met Jezus optrekken, hem horen en zien. Petrus raadt na verloop van tijd het geheim van Jezus.
- Bij de synoptici is het Petrus die zegt U bent de Christus. (Mc 8: 27, Mat, Luc).
- In het Johannes evangelie zegt Petrus ' wij geloven en weten dat U de heilige van God bent.’ (Joh 6: 68v NBV21).
- Bij Mat, Mc en Luc blijkt dat Jezus nog heel wat uitleggen moet, om de twaalf duidelijk te maken wat voor Christus hij is. Dat hij lijden en sterven moet, is voor hen niet te vatten.
- Bij Joh zijn het oa de ik ben woorden die de titel heilige Gods verder uit diepen.
Het zijn er zeven1:
Joh 6: 15 Ik ben het brood des levens (+ 6: 41.48.51)
Joh 8: 12 Ik ben het licht der wereld
Joh 10: 9 Ik ben de deur voor de schapen (+ 10:9)
Joh 10: 11 Ik ben de goede herder (+ 10: 14
Joh 11: 25v Ik ben de opstanding en het leven
Joh 14: 6 Ik ben de weg, de waarheid en het leven
Joh 15: 1 Ik ben de ware wijnstok (+ 15: 5)
Het gaat om eenvoudige korte zinnetjes2: de eerste helft is telkens 'ik ben'. Dan volgt de beeldhelft, bv het brood des levens.3
Geen van deze zeven uitspraken vinden we bij de andere evangelisten4, noch bij Paulus of de andere briefschrijvers.5
Klemtoon
Om ik ben te zeggen is in het Grieks alleen het woordje eimi (ik ben) voldoende, het woordje ik (egoo) zit er ahw bij in. Wanneer iemand het er toch bij zegt (dus: egoo eimi), dan doet hij dat om alle nadruk op zichzelf te leggen. IK, ik ben het brood des levens. Maw: bij mij moet je zijn, (en niet bij...). Jezus presenteert zich als de enige, exclusieve redder, het Woord dat (bij) God was (Joh 1: 1 - 4 + 14), de Zoon van God (Joh 1: 34.50; 3: 18; 5; 25; 11: 4.27; 20: 31).
Door egoo eimi te zeggen maakt Jezus zich (haast) aan God gelijk. Dat blijkt ook uit een vergelijking met Ex 3:13v. Daarop zeide Mozes tot God: Maar wanneer ik tot de Israëlieten kom en hun zeg: De God uwer vaderen heeft mij tot u gezonden, en zij mij vragen: hoe is zijn naam - wat moet ik hun dan antwoorden? Toen zeide God tot Mozes: Ik ben, die Ik ben. (Hebr ehjeh esjer ehjeh). En Hij zeide: Aldus zult gij tot de Israëlieten zeggen: Ik ben heeft mij tot u gezonden. (NBG51)6
Beeldhelft
Het gaat om dingen die iedereen kent: brood, licht, herder, wijnstok enz.. Je zou kunnen denken: het gaat om het eenvoudige. Maar er zijn zoveel eenvoudige dingen: een stoel, een wolk, een appel. Waarom deze zeven gekozen? De eerste twee - brood en licht - geven het al aan. Het gaat om basale, levensnoodzakelijke dingen. Wie kan zonder brood, zonder licht? Dat onmisbare zit ook in de overige beeldhelften. (zie bij afzonderlijke meditaties).
Die zeven eenvoudige, onmisbare dingen krijgen zijn toch niet zo eenvoudig. In vijf gevallen komt er ter verduidelijking een nadere omschrijving bij: brood + des levens, licht + der wereld, deur + voor de schapen; herder + goede, wijnstok + ware. In twee gevallen komen er woorden bij die ongeveer hetzelfde betekenen (synoniemen): opstanding // leven; weg // waarheid // leven.
Ook de context draagt bij aan de betekenis. Het is niet goed deze uitspraken uit hun verband los te maken en als zelfstandige spreuken op te vatten.
Zeven
Er zijn zeven Ik-ben woorden. Jezus heeft er vast meer uitgesproken, maar Joh beperkt zich. Aan deze zeven hebben we genoeg (Joh 20: 30v). Zeven is het getal dat aangeeft dat iets compleet is. Het staat voor volheid en totaliteit.: 1 Sam 2: 5b; Ruth 4: 15; Deut 7: 1; Gen 2: 3,
Opvallend is, dat Joh ook van evenzoveel wonderen of tekenen vertelt. Het is misschien een beetje gezocht om tussen die wonderen en die Ik-ben woorden een verband te zien, maar toch:
| Teken | Ik-ben... | |
| Joh 2: 1 - 11 | water wordt wijn | de ware wijnstok |
| Joh 4: 46 - 54 | genezing vd zoon vd hoveling | de deur (?) |
| Joh 5: 1- 15 | genezing vd verlamde man, Bethesda | de goede herder (?) |
| Joh 6: 1 - 13 | spijziging van de vijfduizend | brood des levens |
| Joh 6: 16 - 21 | wandelen op het water | de weg, de waarheid en het leven |
| Joh 9: 1 - 7 | genezing vd blindgeborene | het licht der wereld |
| Joh 11: 1 - 44 | Lazarus uit de doden opgewekt | de opstanding en het leven |
-----
1 Er is ook wel aan een achtste gedacht, nl in Joh 18:37v. Daar staat: koning ben ik (βασιλεύς εἰμι ἐγὼ). Maar deze woordvolgorde is precies omgekeerd tov alle ik- ben woorden.
2 Grammaticaal: ik (onderwerp) + eimi (persoonsvorm) + naamwoordelijk deel van het gezegde. Alles na ' egoo' heet ook wel het predikaat.
3 Daarnaast heeft Joh vaak egoo eimi zonder meer (absoluut gebruik). Dan betekent het 'ik ben' of 'ik ben het'. (Joh 4: 26; 6: 20; 8: 18.24.28.58; 9: 9; 13: 19; 18: 5.6.8)
De meest opvallende is Joh 8: 58: nog voor Abraham was ben ik.
4 Wel vinden we buiten het Joh
- 'ik ben het (niet) ' (Mat 14: 27; 26: 22.25; Mc 6: 50; 13: 6; 14: 62; Luc 21: 8; 22: 70; 24: 39; Hnd 10; 21;)
- ik ben + naam of omschrijving (Mat 22: 32; 24: 5; Luc 1: 19; Hnd 9: 5; 22: 3.8; 26: 15.29; Opb 1: 8.17; 2: 23; 21: 6; 22: 16
- ik ben + met u (Hnd 18: 10
Ik (Joh de Doper) ben het niet Joh 1: 27; 3: 28; Hnd 13: 25; Ik ben (Paulus) (Hnd 27: 23; Rom 11: 13; 1 Ti 1: 15)
6 De Griekse vertaling van het OT, de LXX, heeft dat weergegeven met Ik ben de Zijnde (of Hij die is) en zo zul je tot de zonen van Israël zeggen: de Zijnde (Hij die is) heeft mij gezonden tot jullie.
terug
Afkortingen
van de Bijbelboeken > Register (kolom 1) adhv = aan de hand van Afb = Afbeelding art - artikel (van de NGB) aw = aangehaald werk BGT = Bijbel in Gewone Taal BHS = Biblia Hebraica Stuttgartensie (Hebr. OT) bv = bij voorbeeld CGK = Christelijk Gereformeerde Kerken cq = casu quo (dan wel / of anders) DL = Dordtse Leerregels dwz = dat wil zeggen eva = en vele anderen FB = FaceBook GNB - Groot Nieuws Bijbel GNT = Griekse Nieuwe Testament (Nestle-Aland) Gr = Grieks HCat = Heidelbergse Catechismus Hebr = Hebreeuws HKB = Historich Kritische Benadering (of Bijbelonderzoek) HSV = Herziene Staten Vertaling HTB = Het Boek ID = Intelligent Design itt = in tegenstelling tot Lat = Latijn LuV = Lutherse Vertaling LV14 = Leidse Vertaling 1914 LXX = Septuaginta (Grieks OT; 250 - 50 vC) M = Meditatie (bv Mc 1:1M = Meditatie over Mc 1: 1) McM = The MacMillan Bible Atlas, London 19804 MvG = Meer van Galilea = Meer van Tiberias = Meer van Genesaret NA = Nestle-Aland, 28-ste druk (Grieks NT) NB = Naardense Bijbel (P. Oussoren, 2004) NBG = Nederlands Bijbel Genootschap NBG51 = Bijbelvertaling van het NBG (1951) NBV21 = Nieuwe Bijbel Vertaling van het NBG (2021) nC = na Christus NGB = Nederlandse GeloofsBelijdenis NT = Nieuwe of tweede Testament ntisch = nieuw testamentisch(e) OT = Oude of eerste Testament otisch = oud testamentisch(e) P = Paulus of zijn brieven P in bv Ps 84P = Preek over Psalm 84 p = pagina of pagina's PKN = Protestantse Kerk Nederland PM = Post Modernisme Q = Quelle, bron van uitspraken van Jezus resp = respectievelijk (achtereenvolgens) RKK = Rooms Katholieke Kerk SV = Staten Vertaling SQE = Synopsis Quator Evangeliorum SVBS = Synopsis Vlaamse Bijbelstichting TeNaCh = Torah+Nebiïm+Chetoebim v = volgende vers (bv Ps 1: 1v = Ps 1: 1 - 2) v/a = vraag en antwoord vC = voor Christus vd = van de vv = volgende verzen (bv Ps 1: 1vv = Ps 1: 1 - 3) WV12 = Willibrord Vertaling 2012 Z = zondag (vd HCat) tekens: > = zie (bv > 2 betekent zie bij punt 2) // = synoniem parallellisme <> = tegenstelling, ook: antithetisch parallellisme X = Chiasme (kruisstelling) ( ) bevatten verduidelijking { } bevatten woorden niet in de bijbeltekst te vinden, maar afgeleid uit wat er wel staat. |