Joh 10: 7
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Ik ben de Deur voor de schapen....Ik ben de Deur; als iemand door Mij naar binnen gaat, zal hij behouden worden; en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden. (Joh 10: 7 en 9 NBV21)
Context
Het voorafgaande Joh 9 over de genezing van de blindgeborene houdt abrupt op in 9: 41 en gaat in 10: 19 - 21 verder. Hoort Joh 10: 1- 18 daar wel tussen of is het ooit per ongeluk op deze plek terecht gekomen? Schulz houdt deze volgorde aan: eerst Joh 9: 39 - 41 dan 10: 19 - 21 vervolgens 10: 22 - 26 en tenslotte 10: 1 - 18. Dat levert inderdaad een meer logische volgorde op (in onze ogen nu), maar er zijn geen oude handschriften die het zo hebben. Die hebben de volgorde zoals we die nu in de Bijbel vinden. Kennelijk riep de volgorde van de verzen vroeger geen vragen op.
De eerste helft van 10: 1 - 18 gaat over schaapskooi en deur; de tweede helft over de goede herder (> Joh 10: ).
Opbouw
Eerst (Joh 10: 1 - 5) is er het verhaaltje2, dat een gelijkenis is (Joh 10: 6) daarop volgt de uitleg in Joh 10: 7 - 10. Het verhaaltje gaat over het contrast herder <> rover - dief. Dezelfde tegenstelling vinden we ook in verzen 8 en 10 van de uitleg. De verzen 7 en 9 over de deur zijn er zijdelings mee verbonden. Wij willen weten:
- wat betekent het verhaaltje,
- wat betekent het 'ik ben de deur der schapen'
- en hoe beïnvloeden verhaaltje en ik-ben woord elkaar?
Het verhaaltje: de deurwachter en herder <> dieven en rovers
Herders brengen hun kudde 's avonds vaak in een omheinde ruimte. Dat biedt bescherming tegen roofdieren en kwaadwillende mensen. Voor de deur of in de opening ligt de deurwachter, die meerdere kuddes in zijn schaapskooi bewaakt. Roofdieren en dieven laat hij niet door. Als ze toch weten binnen te komen, is het over de omheining heen.
De herders slapen in de buurt (Luc 2: 8 - 20). 's Morgens melden de herders zich bij de deurwachter. Als hij de herder herkent, laat hij hem de schaapskooi binnen, zodat de herder zijn schapen mee naar buiten kan nemen. Dat is waar de schapen pas echt leven: in het veld, onder de zon, in de frisse lucht, vinden ze vers gras en fris water. Dieven en rovers laat hij niet de kooi binnen gaan.
Het ik-ben woord: ik ben de deur der schapen
Bij elkaar: verhaaltje + ik ben woord
| positief | negatief |
| door de deur binnenkomen(1a)(2a) | op een andere plek naar binnen klimmen (1b) |
| herder der schapen (2b) | dief, rover (1c) |
| de deurwachter doet open (3a) | --- |
| schapen horen zijn stem (3b) | --- |
| roept zijn (eigen) schapen bij name (> 3c)(4a) (> Joh 10: 14v!) | --- |
| voert ze alle naar buiten (3d)(4a) | --- |
| gaat voor ze uit (4b) | --- |
| de schapen volgen hem (4c) | de schapen volgen niet een vreemde (5a) |
| de schapen kennen zijn stem (4d) | lopen weg want kennen de stem van de vreemde niet (5b.c) |
| Ik ben de deur der schapen (7) | allen die voor mij gekomen zijn zijn dieven en rovers (8) |
| de schapen hebben naar hen niet gehoord (8) | |
| Ik ben de deur (9a) | de dief (10a) |
| door mij binnenkomen > behouden worden (9b) ingaan en uitgaan en weide vinden (9c) leven hebben en overvloed (10 e) |
komt om te stelen (10b) te slachten (10c) te verdelgen (10d) |
Een gelijkenis
In vers 6 lezen we dat deze verzen een gelijkenis (paroimia) vormen. (ook wel parabolè). Kenmerkend voor gelijkenissen is dat het om weliswaar om een verhaaltje gaat maar dat slechts een enkel onderdeel het punt van overeenkomst is. In dit geval de deur en ik/Jezus. We moeten dus niet - als was het een allegorie - achter alle onderdelen van deze verzen wat zoeken (de kooi, de rovers, dieven, schapen, deurwachter).
---
1 Εἶπεν οὖν πάλιν ὁ Ἰησοῦς· ἀμὴν ἀμὴν λέγω ὑμῖν ὅτι ἐγώ εἰμι ἡ θύρα τῶν προβάτων. (Joh 10: 7, NA28)
2 Vers 5 (stem van een vreemde) lijkt niet zo goed bij 1 - 4 te passen (rovers en dieven), of wilde de evangelist vers 16 voorbereiden? Daar staat: Maar Ik heb ook nog andere schapen, die niet uit deze schaapskooi komen. Ook die moet Ik hoeden, ook zij zullen naar mijn stem luisteren: dan zal er één kudde zijn, met één herder.
Afkortingen
van de Bijbelboeken > Register (kolom 1) adhv = aan de hand van Afb = Afbeelding art - artikel (van de NGB) aw = aangehaald werk BGT = Bijbel in Gewone Taal BHS = Biblia Hebraica Stuttgartensie (Hebr. OT) bv = bij voorbeeld CGK = Christelijk Gereformeerde Kerken cq = casu quo (dan wel / of anders) DL = Dordtse Leerregels dwz = dat wil zeggen eva = en vele anderen FB = FaceBook GNB - Groot Nieuws Bijbel GNT = Griekse Nieuwe Testament (Nestle-Aland) Gr = Grieks HCat = Heidelbergse Catechismus Hebr = Hebreeuws HKB = Historich Kritische Benadering (of Bijbelonderzoek) HSV = Herziene Staten Vertaling HTB = Het Boek ID = Intelligent Design itt = in tegenstelling tot Lat = Latijn LuV = Lutherse Vertaling LV14 = Leidse Vertaling 1914 LXX = Septuaginta (Grieks OT; 250 - 50 vC) M = Meditatie (bv Mc 1:1M = Meditatie over Mc 1: 1) McM = The MacMillan Bible Atlas, London 19804 MvG = Meer van Galilea = Meer van Tiberias = Meer van Genesaret NA = Nestle-Aland, 28-ste druk (Grieks NT) NB = Naardense Bijbel (P. Oussoren, 2004) NBG = Nederlands Bijbel Genootschap NBG51 = Bijbelvertaling van het NBG (1951) NBV21 = Nieuwe Bijbel Vertaling van het NBG (2021) nC = na Christus NGB = Nederlandse GeloofsBelijdenis NT = Nieuwe of tweede Testament ntisch = nieuw testamentisch(e) OT = Oude of eerste Testament otisch = oud testamentisch(e) P = Paulus of zijn brieven P in bv Ps 84P = Preek over Psalm 84 p = pagina of pagina's PKN = Protestantse Kerk Nederland PM = Post Modernisme Q = Quelle, bron van uitspraken van Jezus resp = respectievelijk (achtereenvolgens) RKK = Rooms Katholieke Kerk SV = Staten Vertaling SQE = Synopsis Quator Evangeliorum SVBS = Synopsis Vlaamse Bijbelstichting TeNaCh = Torah+Nebiïm+Chetoebim v = volgende vers (bv Ps 1: 1v = Ps 1: 1 - 2) v/a = vraag en antwoord vC = voor Christus vd = van de vv = volgende verzen (bv Ps 1: 1vv = Ps 1: 1 - 3) WV12 = Willibrord Vertaling 2012 Z = zondag (vd HCat) zgn = zogenaamd tekens: > = zie (bv > 2 betekent zie bij punt 2) // = synoniem parallellisme <> = tegenstelling, ook: antithetisch parallellisme X = Chiasme (kruisstelling) ( ) bevatten verduidelijking { } bevatten woorden niet in de bijbeltekst te vinden, maar afgeleid uit wat er wel staat. |