Plaats en Tijd in Mc
Het verhaal dat Mc van Jezus vertelt, speelt zich qua geografie af in
plaats: thuis geeft aan dat Jezus zich wil terugtrekken (E. Schweizer, p. 29)
- Galilea
- buiten Israël,
- in Judea
- in Jeruzalem
plaats: thuis geeft aan dat Jezus zich wil terugtrekken (E. Schweizer, p. 29)
| Mc | plaats | tijd volgens Mc | onze tijdrekening + opmerkingen |
| 1: 9 | Jezus van Galilea naar de Jordaan om gedoopt te worden door Johannes de Doper (JohdD) | in die dagen | niet na 30 na Christus, want in dat jaar werd JohdD gedood. |
| 1: 12 | Jezus in de woestijn | 40 dagen | |
| 1: 14 | Jezus naar Galilea | JohdD is overgeleverd | |
| 1: 16 | langs het Meer van Galilea (MvG) | ||
| 1: 21 - 28 | in Kapernaüm - synagoge | ||
| 1: 29 - 31 | in Kapernaüm - in het huis van Simon en Andreas | direct na afloop van de synagoge | |
| 1: 32 - 34 | in Kapernaüm - bij de deur van het huis | laat, na zonsondergang | |
| 1:35 | buiten, een eenzame plaats (in de buurt) | vroeg in de ochtend, nog donker | |
| 1: 39 | Jezus door heel Galilea actief, | ||
| 1:45 | Jezus verblijft in eenzame plaatsen | ||
| 2: 1 | weer in Kapernaüm (thuis) | na enige dagen | |
| 2: 13 | huis uit, langs het MvG | ||
| 2: 15 | in zijn huis in Kapernaüm | ||
| 2: 23 | door de korenvelden | op de sabbat | |
| 3: 1 | in een synagoge | op de sabbat | |
| 3: 7 | bij het MvG, veel mensen uit Galilea, Judea, Jeruzalem, Idumea, Overjordaanse, Tyrus en Sidon |
||
| 3: 13 | op de berg (welke?), aanstelling van de twaalf apostelen | ||
| 3: 20 | in een huis, schriftgeleerden uit Jeruzalem |
||
| 4: 1 | weer bij het meer, Jezus leert vanuit een bootje, vooral gelijkenissen | ||
| 4: 35 | naar de overkant van het meer | toen het laat geworden was | |
| 5: 1 | aankomst in land van Gerasenen (Oostzijde MvG) ex-bezetene gaat verkondigen in de Dekapolis |
||
| 5: 21 | weer naar de overkant, bij de zee plaats met synagoge Dus aan de Westzijde van MvG |
||
| 6: 1 | vertrekt naar vaderstad (Nazareth) 35 km naar het Westen | ||
| 6: 6 | naar de omliggende dorpen, uitzending van de twaalf apostelen | ||
| intermezzo | Mc 6: 14 - 29 dood van Johannes de Doper, in gevangenis bij paleis van Herodes (Machaerus) | 30 n | |
| 6: 30v | de twaalf weer bij Jezus, (kennelijk bij het MvG) met schip naar een eenzame plaats (dus over het meer) gezien 6: 45 naar de Zuidkant van het MvG |
||
| 6: 34 | weer uit het schip: geen eenzame plek, maar duizenden mannen waar? eerste wonderbare spijziging Mc 6: 34 - 44 |
als het laat is | |
| 6: 45 | de twaalf in het schip over het meer naar de overkant, richting Betsaida (ten Noorden van MvG) | ||
| 6: 46 | J op de berg (welke?) om te bidden | ||
| 6: 48 -52 | J naar de discipelen midden op het meer | bij het vallen van de avond, de vierde nachtwake |
|
| 6: 53 | overgestoken over het meer, in Gennesaret (Westzijde MvG) mensen uit alle dorpen, steden en gehuchten |
||
| 7: 1 | bij hem - niet thuis in Kapernaüm (zie 7: 17), ergens onderweg? schriftgeleerden uit Jeruzalem |
||
| 7: 14 | bij zich (de schare) | ||
| 7: 17 | thuis in Kapernaüm | ||
| 7: 24 | naar het gebied van Tyrus (= kustplaats MddZee, nu in Libanon) in een huis |
||
| 7: 31 | door Sidon (= kustplaats MddZee, ten Noorden van Tyrus, in Libanon) naar het MvG, in het gebied van de Dekapolis (Ten Oosten van MvG) |
||
| 8: 1 | (waar?) tweede spijziging van 4000 | in die dagen | |
| 8: 10 | Jezus en discipelen met het schip naar gebied van Dalmanuta locatie onbekend (Mat heeft Magadan, NoordWest van Tiberias) | ||
| 8: 13 8: 22 |
Jezus met schip naar de overkant, aankomst Betsaida (Noorden van MvG) |
||
| 8: 27 | naar de dorpen van Caesarea Filippi (in Gaulanitis = Golanhoogte) (nu Banias) | ||
| 9: 2 | een hoge berg (welke?) Jezus met Petrus, Jakobus en Johannes (in Galilea?) | zes dagen later | |
| 9: 9 | van de berg af, naar de andere discipelen (+ grote schare + schriftgeleerden) | ||
| 9: 28 | in een huis | ||
| 9: 30 | weg vandaar, reis door Galilea, | ||
| 9: 33 | aankomst in Kapernaüm, in een huis | ||
| 10: 1 | vertrek naar Judea en het Overjordaanse | ||
| 10: 10 | in een huis | ||
| 10: 17 | onderweg | ||
| 10: 32 | onderweg, opgaande naar Jeruzalem | ||
| 10: 46 | in Jericho | ||
| 10: 46 | Jericho uit, bij de weg waar Bartimeüs bedelt | ||
| 11: 1 | dichtbij Jeruzalem, Betfage en Bethanië | ||
| 11: 11 | in Jeruzalem, in de tempel, naar Bethanië | laat op de dag | |
| 11: 12 | onderweg van Bethanië naar Jeruzalem, bij een vijgenboom | niet de tijd voor de vijgen (oogst) | juni + aug - okt is de vroege resp late oogst. Dat klopt met vervolg: de maand is Nisan is 4 weken in periode maart / april |
| 11: 15 | Jeruzalem, tempel (tempelreiniging) | ||
| 11: 19 | de stad uit | toen het laat was | |
| 11: 20 | onderweg van Bethanië naar Jeruzalem, vijgeboom verdord | ||
| 11: 27 | in de tempel, gelijkenis van de onrechtv pachters, strikvragen, onderwijs | ||
| 12: 35 | in de tempel | ||
| 13: 1 | de tempel uit, rede over de komst van de Zoon des Mensen | ||
| 13: 3 | op de helling van de Olijfberg, tegenover de tempel | ||
| 14: 1v | (Jeruzalem) | na twee dagen Pascha + feest ongezuurde broden |
(12 Nisan) De priesters willen Jezus niet op het feest laten doden... Dat plan lukt niet: Jezus sterft op het Joodse Paasfeest. Dat was ook zijn bedoeling: een nieuwe Exodus, zo moest het. |
| 14: 3 | Bethanië, huis van Simon de melaatse | 13 Nisan | |
| 14: 12v | (waarschijnlijk in Bethanië) waar Pascha gebruiken? grote bovenzaal in Jeruzalem |
op de eerste dag van het feest der ongezuurde broden waarop men gewoon was het Pascha te slachten |
Eerst is er Pesach met slachten Paaslam en de Paasmaaltijd, dan zeven dagen feest vd ongezuurde broden. Bij elkaar dus acht dagen. NB (1) Een dag begint in de joodse wereld niet om 2400 u, maar eerder: in de avond, als het begint te schemeren. NB (2) Bij Joh sterft Jezus op de voorbereidingsdag van het Pascha (Joh 19: 14) als in de tempel de paaslammeren geslacht worden. In de avond begint de sabbat (Joh 19: 31) en het Pesachmaal (Nisan 14) |
| 14: 17 | (in de bovenzaal) - avondmaal / Paasmaaltijd | in de avond | begint de dag van Pesach (14 Nisan) - op vrijdag 3 april in het jaar 33 nC |
| 14: 26 | naar de Olijfberg | na het Pesachmaal, s nachts (14 Nisan) | |
| 14: 32 | Getsemane, Jezus iets verder dan zijn discipelen en Petrus, Jakobus en Johannes | (14 Nisan) | |
| 14: 53 | naar de hogepriester (vergadering Sanhedrin) | (14 Nisan) | |
| 14: 66 | Petrus in de hof van de hogepriester (3x ontkenning), bij het vuur (14: 54) | (14 Nisan) | |
| 15: 1 | naar Pilatus | s morgens vroeg | als het licht begint te worden: 600 u?(14 Nisan) |
| 15: 16 | naar het hof (van de kazerne), bespotting | (14 Nisan) | |
| 15: 22 | naar Golgotha, Simon van Cyrene draagt het kruis | (14 Nisan) | |
| 15: 25 | (op Golgotha) | het derde uur: kruisiging | 900 u (14 Nisan) |
| 15: 33 | (op Golgotha) | het zesde uur: duisternis over het gehele land, tot het negende uur | 1200 u (14 Nisan) |
| 15: 34 | Jezus sterft op Golgotha | het negende uur | 1500 u (14 Nisan) |
| 15: 42 | Jezus begraven in het graf van Jozef van Arimathea, een steen voor de ingang | in de avond (dan is de sabbat al begonnen) | (15 Nisan) |
| ------- | de sabbat | 15 Nisan - ook de eerste dag van de ongezuurde broden. | |
| 16: 1v | Maria van Magdala en Maria (de moeder van Jakobus) en Salome | toen de sabbat voorbij was / zeer vroeg op de eerste dag van de week / toen de zon opging | 16 Nisan (de tweede dag van de ongezuurde broden) |
| 16: 3 | onderweg naar, bij en in het graf | 16 Nisan | |
| 16: 6 | een engel zegt: J is hier niet, hij gaat u voor naar Galilea. | 16 Nisan | |
| 16: 8 | het graf uit, de vrouwen zeggen niemand iets. | 16 Nisan | |
terug